Interimwet stad- en milieubenadering |
||
|
|
De Interimwet stad-en-milieubenadering heeft betrekking op geluid, bodem, lucht en geur (veehouderij). Deze wet geeft gemeenten, onder strikte voorwaarden, de mogelijkheid af te wijken van bepaalde milieueisen, zoals geluidsnormen. De interimwet is erop gericht om al in de planfase oplossingen te zoeken voor (milieu-) problemen die zich voordoen bij stedelijke herinrichtingprojecten, zoals geluidoverlast en bodemverontreiniging.
Met de interimwet kan de beschikbare ruimte optimaal worden ingevuld zonder te veel inbreuk te maken op de leefkwaliteit van de gebruikers. Bij de leefomgevingskwaliteit gaat het zowel om de milieukwaliteit als om andere aspecten van de leefomgeving, zoals goed openbaar vervoer, sociale veiligheid en natuur- en recreatievoorzieningen. De afwijking van milieuregels is gekoppeld aan de besluitvorming over het bestemmingsplan.
De afwijking van milieuregels is gekoppeld aan de besluitvorming over het opstellen of herzien van een bestemmingsplan. Een afwijkingsbesluit of stap 3-besluit geldt voor een bepaald projectgebied. Een afwijkingsbesluit moet goed gemotiveerd zijn. Ook dienen gemeenten te zorgen voor compensatie. Hierbij moeten de gemeenten in eerste instantie proberen om de afwijking van de milieunorm te compenseren binnen hetzelfde milieuterrein. Bijvoorbeeld door een overschrijding van de geluidsnorm door wegverkeer te compenseren met extra geluidsisolatie van de nieuwe woningen. Daarnaast kan de compensatie ook op andere milieuterreinen worden gezocht of bij de leefomgevingkwaliteit in brede zin. Van belang is uiteraard dat de compensatie wordt ingevuld in overleg met alle betrokkenen. |